Leestafel

De rubriek Leestafel heeft als doel recentelijk verschenen publicaties met betrekking tot de Tweede Wereldoorlog onder de aandacht te brengen. Ook oudere uitgaven die onlangs werden aangeschaft en die het waard zijn om voor het voetlicht gehaald te worden, zullen de revue passeren. We putten uit kranten en andere periodieken. En in de eerste plaats maken we dankbaar gebruik van de inhoud van de Nieuwsbrief, een kwartaalblad van de Vereniging Vrienden van het Airborne Museum Oosterbeek (Nieuwsbrief VVAM).
Meer informatie over de vereniging vindt u op www.vriendenairbornemuseum.nl.
  • Achter de laatste brug. Gevangen in het land tussen Arnhem en de Grebbelinie
  • Stripboek “Hotel Hartenstein”
  • Op de fiets door de Duitse linies
  • The Royal Air Force at Arnhem. Glider and re-supply missions in September 1944′
  • ‘All Men are Brothers’
  • Boekje ‘Airborne Battle Wheels’
  • The Royal Air Force at Arnhem
  • ‘Green On!’
  • Het Dertiende Peloton
  • Scholier in oorlogstijd
  • Oosterbeek For ever England
  • Nine Days at Arnhem
  • The enigma of General Blaskowitz

Achter de laatste brug
Drieënhalve dag had de oorlog in de Gelderse vallei geduurd. Toen de eerste bewoners een week na de Duitse aanval in mei 1940 voorzichtig waren teruggekeerd van hun evacuatieadressen, hadden ze de ruïnes aangetroffen van hun steden, dorpen en hoeven. Ze hadden de rommel opgeruimd, hun doden begraven, en waren aan het werk getogen. De rust was weergekeerd.

Maar in september 1944 kwam de oorlog terug in het lage land langs de Grebbelinie. De bevrijding lag aan de overkant van de rivier, voorbij de vernielde bruggen over de Rijn. De bewoners van de Gelderse vallei zaten gevangen tussen de strijdende partijen. In Achter de laatste brug beschrijft historicus Jan Blokker hun leven, dat zeven maanden lang totaal ontregeld raakte.

Jan Blokker • Achter de laatste brug. Gevangen in het land tussen Arnhem en de Grebbelinie. (2012) • uitgeverij: Querido • ISBN 978 90 214 4239 6 • paperback • Non-fictie, geïllustreerd • omvang: 256 pagina’s • € 19,95

Stripboek “Hotel Hartenstein”

Studio Vaessen presenteerde op 30 augustus 2012 het tweede deel van de serie stripboeken over de Slag om Arnhem. De titel van deze nieuwe uitgave luidt: ‘Hotel Hartenstein’, naar het voormalig hoofdkwartier van de Britse generaal Roy Urquhart in september 1944.
In dit deel worden de lotgevallen van militairen en burgers in en om Oosterbeek in beeld gebracht.
Het eerste deel, ‘De Brug’, ligt al een tijdje in de winkel.
De stripboeken zijn geen simpele plaatjesboeken, en de zaken worden niet fraaier weergegeven dan ze zijn. Alle figuren spreken hun eigen taal, en dit versterkt de authenticiteit. De serie is bestemd voor lezers van 12 jaar en ouder.

Hennie Vaessen • Slag om Arnhem, deel 2: Hotel Hartenstein (2012) • uitgeverij: Pelikaanpers • ISBN 9789490000080 • omvang: 44 pagina’s • € 14,95

Op de fiets door de Duitse linies

Ontsnapt uit Arnhem is het opmerkelijke, waargebeurde verhaal van een jongen Royal Air Force-piloot die meevocht in de Slag om Arnhem. Dit adembenemende verhaal vertelt de persoonlijke ervaringen van een bescheiden maar ongelooflijk dappere soldaat die uit handen van de Duitsers wist te ontsnappen.Tijdens de laatste dagen van de verdediging van de Arnhemse brug wordt Godfrey Freeman door de Duitsers gevangen genomen. Na verschillende mislukte ontsnappingspogingen weet hij uiteindelijk tijdens zijn transport naar Duitsland uit de trein te ontsnappen. Maar dan begint zijn avontuur pas echt. Na vele omzwervingen komt hij in contact met het Nederlandse verzet, dat hem helpt op de fiets door de Duitse linies heen te komen en naar Engeland te vluchten.

Godfrey Freeman werd geboren in 1924 in Hook Norton, Oxfordshire en overleed in Oxford in 1999. Hij diende tijdens de Tweede Wereldoorlog als piloot in de Royal Air Force.

Godfrey Freeman • Ontsnapt uit ArnhemISBN 978 90 453 1121 0 • omvang: 160 pagina’s • paperback • € 16,95

Voor informatie en recensie-exemplaren: BBNC uitgevers, tel.: 010-254 00 10, e-mail: publiciteit@bbnc.nl  

The Royal Air Force at Arnhem. Glider and re-supply missions in September 1944′
Er is nog steeds veel te vertellen over de Slag om Arnhem. Dat blijkt uit ‘The Royal Air Force at Arnhem. Glider and re-supply missions in September 1944’, het boek over de rol van de RAF bij de glider- en bevoorradingsvluchten naar Arnhem. Het is in het Engels geschreven door Luuk Buist, Philip Reinders en Geert Maassen, alle drie ‘vrienden van het Airborne Museum’.

Het was een enorm logistiek probleem om in drie dagen de 1e Britse Airborne Divisie met de 1e Poolse Parachutisten Brigade, samen zo’n 12.000 man en hun transport, artillerie, verbindingsmiddelen en munitie, voeding en medisch materiaal voor de eerste paar dagen, naar Arnhem te transporteren. In totaal vlogen 1.260 transportvliegtuigen en 663 gliders om de troepen met hun materiaal naar Nijmegen, het hoofdkwartier van het 1e Airborne Corps, en Arnhem te brengen. Ze vermeden wanneer dat mogelijk was de Duitse luchtafweer en vlogen zoveel mogelijk over bevrijd gebied. Ze werden onderweg door vele squadrons gevechtsvliegtuigen beschermd.

Op 17 september vertrokken eerst de vliegtuigen met ‘Pathfinders’ om de droppings- en landingsvelden aan te geven en daarna de toestellen die de gliders trokken. Persoonlijke verhalen van bemanningsleden nemen ons mee aan boord tijdens de vlucht naar Arnhem. We zien van de acht dagen waarop is gevlogen, de weersomstandigheden, de Flak, de verwondingen na beschietingen, de soms kreupele terugtocht of het neerstorten van een kist. Duidelijke tabellen geven van de genoemde squadrons de vliegbasis, de eerste piloot, het vliegtuig met nummer, de vertrek- en de terugkomsttijd aan. Alle niet gelukte glider- en bevoorradingsvluchten en crashes worden kort bij de beschrijving van het betreffende vliegtuig toegelicht. Op 22 september werd niet gevlogen, de laatste vluchten vonden op 25 september plaats.

Dagelijks is er een korte schets van de situatie op de grond, het weer, of de noordelijke of zuidelijke route werd gevlogen en het aantal gevechtssquadrons, waardoor een goed beeld ontstaat van de situatie te land en in de lucht. Na de beschrijving van de glider- en bevoorradingsvluchten vertelt het boek over de Duitse luchtafweer, de Flak, bij Arnhem.

Ook hier geven de persoonlijke verhalen van Duitse luchtafweersoldaten een levend beeld van hun vernietigend werk. In een volgend hoofdstuk beschrijft Philip Reinders 58 jaar na de slag een zestal plaatsen waar vliegtuigen zijn neergestort en wat hij er aantreft. In het hoofdstuk ‘de vliegtuigen en hun squadrons’, worden alle 16 squadrons met vliegbasis, commandant, embleem, nummer en aantal missies beschreven. Een tabel laat zien welke eenheid welke navigatiemiddelen op de grond gebruikte om de inkomende vliegtuigen te begeleiden. ‘Containers, manden en parachutes’ beschrijft deze en de rollerbaan waarmee de manden werden afgeworpen. Een lijst met gedropte voorraden completeert dit hoofdstuk. Een lijst met vliegtuigen, hun noodlandingen en crashes per vliegtuig met de namen van de bemanning en hun lot en een ‘Roll of Honour’ gaan vooraf aan het laatste hoofdstuk, waarin de toegekende onderscheidingen voor Arnhem worden genoemd. De auteurs hebben bewonderenswaardig goed en veel onderzoek gedaan. De persoonlijke verhalen brengen je dicht bij de gebeurtenissen. Dat maakt het boek boeiend en laat je inleven in de grote prestaties van de RAF-bemanningen. Het boek leest prettig. Het telt 200 pagina’s en is met veel goede illustraties uitgegeven door de Vereniging Vrienden van het Airborne Museum.

Vergeleken met de boeken met deels een vergelijkbaar onderwerp ‘Tugs and Gliders to Arnhem’ en ‘Green On’, beide van Arie-Jan van Hees, is dit boek toegankelijker, waar beide genoemde boeken meer als naslagwerk veel dieper op het onderwerp ingaan.
(Okko Luursema; Nieuwsbrief VVAM, november 2005)

Het bovengenoemde boek is in ieder geval te koop bij het Airborne Museum ‘Hartenstein’ te Oosterbeek, en bij de lokale boekhandelaren in de regio Arnhem. De prijs bedraagt € 37,50. Via het Airborne Museum kan besteld worden: 026 3337710 of info@airbornemuseum.org.
Opsturen in Europa kost € 37,50 + € 7,50 (incl. verpakkings- en verzendkosten); naar de overige landen in de wereld: € 37,50 + € 15 (inclusief).

‘All Men are Brothers’
Dat is de titel van een onlangs verschenen ‘Roll of Honour’ voor de 93 bij Arnhem omgekomen parachutisten van de Eerste Poolse Parachutisten Brigade en drie omgekomen piloten. Het werd samengesteld door de Arnhemmer Andries Hoekstra, die daarmee een bijdragen wil leveren aan het eerherstel van de brigade en haar commandant, Generaal-Majoor Stanislaw Sosabowski.

Voor het veroveren van de brug bij Arnhem was de Britse 1e Airborne Divisie in september 1944 versterkt met de 1e Poolse Onafhankelijke Parachutisten Brigade onder bevel van generaal-majoor S. Sosabowski. De brigade zou met 1500 man op 19 september 1944 landen ten zuiden van de Rijnbrug bij Arnhem. Door slechte weersomstandigheden werd slechts een deel van de brigade gedropt. Echter niet bij de Rijnbrug maar bij Driel. Het eerder met zweefvliegtuigen ingevlogen materiaal ging bij de landing op ‘Johannahoeve’ bijna geheel verloren. De Polen hadden nauwelijks middelen om de Rijn over te steken. Ongeveer 350 manschappen bereikten de noordelijke Rijnoever. De rest van de Brigade vocht bij Driel en hield zo de weg open waarlang de 2000 Britten na de verloren slag op 25 september de eigen linies konden bereiken. De Britse legerleiding stelde later, ten onrechte, de Polen voor een groot deel verantwoordelijk voor het mislukken van de Slag om Arnhem.

Het in september verschenen boek is tweetalig uitgevoerd in het Pools en in het Engels. Het begint met een hoofdstuk over de geschiedenis van de brigade en haar commandant, Generaal Stanislaw Sosabowski. Dan volgt de eigenlijke ‘Roll of Honour’. Op de linkerpagina zijn van iedere omgekomen militair de persoonlijke gegevens en een portretfoto opgenomen en op de rechterpagina staat een grote kleurenfoto van het graf. De titel van het boek is ontleend aan een dramatisch moment tijdens de Slag om Arnhem, waarbij een Poolse soldaat overlijdt in de armen van een rodekruissoldaat. Zijn laatste woorden waren ‘Why all this misery, all men are brothers’.

Het boek werd op vrijdagmiddag 16 september ten doop gehouden op een open plek in het bos, vlak naast restaurant De Westerbouwing, vanwaar men een prachtig overzicht heeft op het voormalige gevechtsterrein bij Driel. In aanwezigheid van een aantal Poolse veteranen en van de Poolse ambassadeur in Nederland, werd het eerste exemplaar aangeboden aan de kleinzoon van Generaal Sosabowski, Michael Sosabowski. ‘All Men are Brothers’ kan worden besteld via de website www.maketgarden.com en bij een aantal boekhandelaren in de regio. De prijs bedraagt € 22,50.
(Nieuwsbrief VVAM, november 2005)

Boekje ‘Airborne Battle Wheels’
Dit jaar bestaat de stichting ‘Airborne Battle Wheels Oosterbeek’ (ABWO) tien jaar. Ter gelegenheid van dit feit verscheen in september een jubileumboekje, waarin door middel van een groot aantal foto’s een overzicht wordt gegeven van de re-enactment activiteiten van de ABWO in de afgelopen jaren.

De ABWO bestaat hoofdzakelijk uit Nederlandse, Britse en Poolse leden, die zijn uitgerust met originele voertuigen, uniformen, uitrustingsstukken en (onklare) wapens, zoals die in 1944 werden gebruikt door de Britse luchtlandingstroepen. Ieder jaar tijdens de herdenkingen van de Slag om Arnhem wordt een groot legerkamp opgebouwd. Dit jaar gebeurde dat op het terrein van de J.P. Heije Stichting in Oosterbeek. De ABWO organiseert tijdens die herdenkingsdagen o.a. de ‘Race to the Bridge’, reconstrueert een opstelling van een ‘Troop’ 75mm Pack Houwitsers en rijdt veteranen rond in de oude legervoertuigen.

Van al deze activiteiten staan foto’s in het boek en hoewel het in de eerste plaats is bestemd voor de leden, is dit fotoboek ook interessant voor anderen die belangstelling hebben voor re-enactment. Het geeft een uitstekend beeld van de sfeer in de club en van de uitgebreide collectie voertuigen en materiaal waarover men kan beschikken.

De teksten in ‘Airborne Battle Wheels Oosterbeek, 10th anniversary’ zijn in het Nederlands en in het Engels, maar de onderschriften alleen in het Engels. Het is een keurig verzorgde publicatie, die werd samengesteld door Ramon Berlauwt en werd uitgegeven bij R.N. Sigmond Publishing in Renkum. Deze uitgave is verkrijgbaar in het Airborne Museum en bij de Oosterbeekse boekhandelaren. De prijs bedraagt € 13,50.
(Nieuwsbrief VVAM, november 2005)

The Royal Air Force at Arnhem
In september jl. verscheen het Engelstalige boek ‘The Royal Air Force at Arnhem – Glider and re-supply missions in September 1944’, samengesteld door Luuk Buist, Philip Reinders en Geert Maassen.

De uitgave is in de eerste plaats een naslagwerk. Tot voor kort zijn vooral publicaties verschenen met verhalen van ooggetuigen. Dit boek bevat met name ook de daarbij behorende inhoudelijke gegevens. De auteurs geven informatie over alle missies die in september 1944 door de 38 en 46 Group van de Britse luchtmacht werden gevlogen. Van die vluchten, en dat zijn er 1331, worden de rang, voorletters en naam van de piloot, het type vliegtuig met registratienummer, het squadron, het vliegveld, en het tijdstip van vertrek en aankomst vermeld. Deze missies zijn onderverdeeld in 12 Pathfinder vluchten, 710 Glider missies en 609 bevoorradingsvluchten. Van de vliegtuigen die niet op hun thuisbasis terugkeerden, zijn de bijzonderheden vermeld. Bijvoorbeeld de gegevens van de inzittenden, en informatie over wat met hen is gebeurd.

Daarnaast zijn de nodige ervaringen opgenomen van mensen die het meegemaakt hebben, in het bijzonder van leden van vliegtuigbemanningen en van Air Despatchers. Die wederwaardigheden vormen naar het oordeel van de samenstellers een welkome aanvulling op en afwisseling van de ‘droge’ statistische informatie.

‘The Royal Air Force at Arnhem’ bestaat uit 23 hoofdstukken, en is voorzien van een index met 1182 namen. Het overgrote deel daarvan heeft betrekking op piloten, navigators, radiotelegrafisten, enzovoorts. Voor de goede orde, het boek gaat wel over de Britse luchtmacht, maar onder de betrokkenen bevinden zich ook Canadezen, Nieuw-Zeelanders, Australiërs, Amerikanen en Zuid-Afrikanen. De publicatie telt 200 bladzijden (210 x 275 mm), bevat 222 foto’s en andere illustraties, en werd uitgegeven door de Vereniging Vrienden van het Airborne Museum Oosterbeek (ISBN-10: 9080457132, ISBN-13: 9789080457133).

Het naslagwerk is in ieder geval te koop bij het Airborne Museum ‘Hartenstein’ te Oosterbeek, en de lokale boekhandelaren in de regio Arnhem. De prijs bedraagt € 37,50. Bij het Airborne Museum kan besteld worden via 026 3337710 of info@airbornemuseum.org .Opsturen in Europa kost € 37.50 + € 7.50 (incl. verpakkings- en verzendkosten); naar de overige landen in de wereld: € 37.50 + € 15 (inclusief).
(Geert Maassen, 18 november 2005)

‘Green On!’
In september 2004 werd in de bibliotheek van Oosterbeek het in het Engels geschreven boek ‘Green On!’ van Arie-Jan van Hees gepresenteerd. Zoals de ondertitel ‘A detailed survey of the British parachute re-supply sorties during operation “Market Garden” 18-25 September 1944’ al aangeeft, is het een gedetailleerd overzicht van de bevoorradingsvluchten tijdens de Slag om Arnhem. De titel, die ook gebruikt werd voor de expositie in het Airborne Museum in 2000, is ontleend aan het bevel dat gegeven werd om de voorraden te droppen, wanneer het groene licht in het vliegtuig aanging. De inhoud gaat echter verder dan alleen de bevoorrading. Ook de ‘Air Support’ wordt uitgebreid behandeld. Evenals Arie-Jans vorige boek “Tugs and Gliders to Arnhem” kenmerkt deze publicatie zich door een enorme veelheid aan gegevens, aangevuld met een groot aantal persoonlijke verslagen. De geschiedenis wordt van dag tot dag beschreven, waarbij per dag de vluchten vanaf elk vliegveld aan bod komen, te beginnen met de ‘Air Support’. Het geheel wordt afgesloten met hoofdstukken met persoonlijke geschiedenissen, de ontsnappingen, de krijgsgevangenen, een evaluatie en enkele uitgebreide registers.

Deze gekozen indeling maakt het boek niet tot een gemakkelijk leesbaar geheel, maar wel tot een goed naslagwerk. Dit is dan ook duidelijk de opzet van de schrijver. We vinden enkele duplicaten. De geschiedenis van de US Air Support Teams en de Radar eenheid kwamen ook in “Tugs and Gliders to Arnhem” uitgebreid aan bod. We moeten bewondering hebben voor de veelheid aan gegevens en foto’s die de auteur boven water gekregen heeft. Een los bijgevoegde index maakt het eenvoudig informatie op te zoeken. De uitvoering is uitstekend. De gekozen letter is wel klein, maar goed leesbaar. De afdrukken van de illustraties zijn goed, met een enkele misser, zoals bijvoorbeeld de foto van het grasveld vóór Hartenstein op pagina 310. De bronvermelding van de afbeeldingen is ten opzichte van het vorige boek verbeterd. ‘Green On!’ is een aanrader, die in geen enkele bibliotheek over ‘Market Garden’ mag ontbreken.

Het boek is rechtstreeks te bestellen bij A.J. van Hees, Courtpendu 7, 6245 PE Eijsden voor € 50, inclusief verzendkosten (€ 55 voor het Verenigd Koninkrijk). Voor een meerprijs is het ook te koop in het Airborne Museum en de plaatselijke boekhandel in Oosterbeek.’Green On!’, door Arie-Jan van Hees, is uitgegeven in eigen beheer (ISBN 90-806808-2-6), telt 379 pagina’s, en is geïllustreerd met foto’s en kaarten.
(Wybo Boersma; Nieuwsbrief VVAM, februari 2005)

Het Dertiende Peloton
Het in september 2004 verschenen boek met bovenstaande titel kwam op een heel bijzondere manier tot stand. De auteur, de journalist Haks Walburgh Schmidt, werkte in 1998 mee aan het opzetten van de tentoonstelling in het Airborne Museum over de Britse en Poolse militairen die na de Slag om Arnhem in Duitse krijgsgevangenschap geraakten. Hij schreef daarvoor ook een speciale museumkrant, getiteld ‘Bevrijders achter Prikkeldraad’. Bij de voorbereiding hiervoor las hij het verslag van veteraan Bill Williams, in 1944 sergeant bij het Glider Pilot Regiment. Deze was op 18 september 1944 met zijn Horsa zweefvliegtuig nummer 166 geland ten westen van Wolfheze. Het adres van Bill was bekend, en Haks nam contact met hem op om meer details over zijn lotgevallen te weten te komen. Bovendien wilde hij weten welke eenheid Bill in zijn toestel had vervoerd. De voormalige zweefvliegtuigpiloot kon daar echter weinig over vertellen. Haks besloot daarom zelf een onderzoek te starten om na te gaan wat met de mannen uit Horsa 166 was gebeurd. Uit archiefonderzoek bleek dat het moest gaan om het dertiende peloton van het Border Regiment, in totaal 25 man. Via brieven, telefoongesprekken, oproepen in lokale kranten en vooral via internet, probeerde hij de betreffende mannen op te sporen. Uiteindelijk duurde deze speurtocht in totaal vier jaar. Het resultaat is samengevat in een fascinerend boek, dat bestaat uit vier gedeelten.

Achtereenvolgens worden beschreven: de lotgevallen van Bill Williams, de speurtocht van de auteur naar de passagiers van Horsa 166, de acties van het dertiende peloton tijdens de Slag om Arnhem, en de lotgevallen van de militairen na september 1944. Wat het boek zo bijzonder maakt, is dat het menselijke aspect en de persoonlijke belevenissen centraal staan. Niet voor niets luidt de ondertitel ‘Levensverhalen rond zweefvliegtuig Horsa 166’. Van harte aanbevolen!

‘Het Dertiende Peloton’, door Haks Walburgh Schmidt (ISBN 90-5911-340-3), telt 266 pagina’s, en is geïllustreerd met kaarten en veel foto’s. Het werd uitgegeven door ASPEKT in Soesterberg. Prijs € 24,95.
(Nieuwsbrief VVAM, februari 2005)

Scholier in oorlogstijd
Er bestaan veel publicaties van mensen die na de Tweede Wereldoorlog de herinneringen aan hun jeugd tijdens de periode 1940-1945 hebben opgeschreven. Maar er zijn maar heel weinig Nederlandse jongeren van wie de tijdens de oorlogstijd bijgehouden dagboeken zijn gepubliceerd. Afgelopen september kwam een dergelijk dagboek na 60 jaar eindelijk voor het grotere lezerspubliek beschikbaar. Het is het verhaal van de Arnhemse scholier Felix Valk, die van begin augustus 1943 tot en met eind april 1945 de door hem meegemaakte gebeurtenissen in twee schoolschriften vastlegde. Nadat Felix in 1999 was overleden, werden deze schriften door zijn zuster Else ontdekt in zijn nalatenschap. De dagboeken kwamen in handen van emeritus hoogleraar ontwikkelingspsychologie Dolf Kohnstamm, die er zo gefascineerd door raakte dat hij in overleg met de familie besloot ze te bewerken en uit te geven.

Felix Valk, die werd geboren in 1929, woonde met zijn familie in de Bovenbrugstraat 7 in Arnhem. In die stad bezocht hij het Stedelijk Gymnasium. Uit het dagboek blijkt dat hij de oorlog aanvankelijk ziet als een avontuur, zoals ongetwijfeld veel jongens van zijn leeftijd. Hij noteert wat voor vliegtuigen er over komen, verzamelt uitgeworpen pamfletten, en gaat met vrienden op zoek naar resten van neergestorte vliegtuigen. Maar in de loop van het dagboek wordt de toon serieuzer.

Wanneer op zondag 17 september 1944 de Geallieerde luchtlandingen bij Arnhem beginnen, logeert hij bij de familie Röell in Schaarsbergen. In de periode van de Slag om Arnhem maakt hij, nieuwsgierig en ondernemend, de nodige avonturen mee, die hij nauwkeurig beschrijft. Vooral het uitwerpen van voorraden door Britse toestellen in de buurt van Warnsborn heeft zijn belangstelling.

Op 6 oktober 1944 verlaat hij Schaarsbergen om met zijn gezin te evacueren naar de Noord-Veluwe. Ook over die periode en over de uiteindelijke bevrijding door de Canadezen in april 1945 noteert hij allerlei gebeurtenissen, met veel oog voor details.

Het boek, dat zeer vlot leest, is voor volwassenen erg interessant, maar ook voor jongeren is het aan te bevelen. ‘Scholier in Oorlogstijd 1943-1945, Arnhem-Veluwe’, door Felix Valk, verscheen bij Uitgeverij Kontrast in Oosterbeek. De uitgave (ISBN 9075665679) telt 96 bladzijden, en is geïllustreerd met veel foto’s en tekeningen uit het oorspronkelijke dagboek. De prijs bedraagt € 13,95.
(Nieuwsbrief VVAM, februari 2005)

Oosterbeek For ever England
Op zaterdag 31 juli 2004 werd in het Airborne Museum het boekje ‘Oosterbeek For ever England’ gepresenteerd. Het is het resultaat van een studie die auteur Jan Crum (1940) heeft gedaan naar de grafteksten op de stenen op de Airborne Begraafplaats in Oosterbeek. De teksten verraden vaak iets over de persoonlijke achtergrond van de gesneuvelde. De nabestaanden mochten aangeven welke woorden zij op de steen wilden hebben. Sommigen kozen voor zeer persoonlijke, ontroerende teksten, anderen voor meer algemene woorden. Jan Crum heeft in zijn boekje de teksten in verschillende categorieën verdeeld, zoals verdriet, herinnering, opoffering en bewondering. Van de opgenomen teksten heeft hij de achtergrond proberen na te gaan. Het boekje is een hommage aan alle militairen die tijdens of ten gevolge van de Slag om Arnhem hun leven gaven.

‘Oosterbeek. For ever England’, door Jan G. Crum (ISBN 90-75665-65-2) verscheen bij Uitgeverij Kontrast in Oosterbeek Het boek is tweetalig, Nederlands en Engels, en telt 96 pagina’s. Het is geïllustreerd met foto’s. De prijs bedraagt € 15.
(Nieuwsbrief VVAM, augustus 2004)

Nine Days at Arnhem
Er is nog steeds veel te vertellen over de Slag om Arnhem. Dat blijkt nu ook weer uit ‘Nine Days at Arnhem’, het tweede boek over het 7de bataljon The King’s Own Scottish Borderers van Robert Sigmond, waarin hij de belevenissen van de tien CANLOAN-officieren in het bataljon extra voor het voetlicht brengt. Het boek is, net als het eerste boek van Sigmond, in het Engels geschreven.

Het CANLOAN-schema was de naam voor het op vrijwillige basis uitlenen aan het Britse leger van honderden Canadese subalterne officieren in de Tweede Wereldoorlog. Zij bleven in dienst van het Canadese leger, maar kwamen onder commando van Britse officieren en mochten alleen worden ingezet in Europa en het Midden Oosten. In totaal leende Canada 673 officieren uit. 102 Officieren sneuvelden, 21 overleden aan hun verwondingen, 310 raakten gewond, 5 hebben een onbekend graf en 27 zijn uit krijgsgevangenschap bevrijd. Niet weinigen van hen zijn onderscheiden. Zij werden over het algemeen door hun meerderen geprezen voor hun inzet.Bij het KOSB-bataljon waren tien van de 90 CANLOAN-officieren, die bij de Britse luchtlandingstroepen waren geplaatst, ingedeeld. Een van hen, luitenant Erskine Carter, schreef kort na de Slag om Arnhem een dagboek met de titel ‘Nine Days at Arnhem’. Hierop is dit boek voor een deel gebaseerd.

Het boek vertelt eerst kort over enkele CANLOAN-officieren, waaronder de schrijver van ‘Nine Days at Arnhem’, Carter. Ook de geschiedenis van de King’s Own Scottish Borderers komt aan de orde. Het 7e (Galloway) bataljon is in 1939 opgericht als zusterbataljon van het 5e territoriale bataljon KOSB. Eind 1943 werd het ingedeeld bij de Britse luchtlandingstroepen als zweefvliegtuiginfanterie. Begin 1944 kreeg het de rode baret en het Pegasusembleem. De lezer volgt de training van de CANLOAN-officieren in Canada, hun zeereis naar Groot-Brittannië, de ontvangst en de training in de aangewezen eenheden, meestal als pelotonscommandant. Opvallend was, dat CANLOAN-officieren dichter bij hun mannen stonden dan de Britse officieren.Na diverse afgezegde plannen gaat de operatie Market Garden van start met tien CANLOAN-officieren bij het KOSB-bataljon, waarvan een als plaatsvervangend compagniescommandant. In 65 zweefvliegtuigen kiezen 44 officieren en 720 mannen het luchtruim. In het hoofdstuk over Arnhem beschrijft Carter zijn dagelijkse belevenissen in de slag. Zijn verhaal wordt afgewisseld door verhalen van anderen, waardoor het geheel een levendig beeld geeft van de slag. Het boek beschrijft de taak van het bataljon, het verzekeren van de droppings- en landingsterreinen op 18 en 19 september, de nachtelijke verplaatsingen, de strijd tegen de Duitsers, de landing van de Polen op Johannahoeve, de slaap en de honger. We zien het bataljon terugtrekken naar Oosterbeek, de strijd rond hotel Dreijeroord en in de Oosterbeekse Afrikabuurt. Het bataljon wordt steeds kleiner en kleiner door de vele doden en gewonden. Het haalt, ondanks de minimale sterkte nog steeds de meest fantastische staaltjes uit, zoals het uitdagen van twee Duitse tanks om ze beter voor de loop van een kanon te krijgen en charges met de bajonet. Als op maandag 25 mei de situatie hopeloos is geworden, zien we het restant van het bataljon evacueren over de Rijn. Van de KOSB bleven 105 gesneuveld achter, zo’n 580 waren krijgsgevangen, waaronder acht CANLOAN-officieren en de rest van het bataljon was gewond, waarvan binnen de week vijf overleden. Negen man overleden in Duitse kampen. Tijdens Operatie Pegasus sneuvelt nog een officier. Wij zien de officieren terug in de diverse krijgsgevangenkampen, zoals Braunschweig, Spangenburg en Fallingbostel en lezen over de dodenmarsen van het terugtrekkende Duitse leger.

Na terugkeer in Engeland wordt een nieuw bataljon opgebouwd met vele nieuwe rekruten en onderofficieren. Op 9 mei 1945 vertrekt het bataljon onder een nieuwe commandant naar Noorwegen om dat land te helpen het Duitse bezettingsleger te repatriëren en oorlogsmisdadigers gevangen te nemen. In de komende maanden worden 400.000 Duitse militairen ontwapend, gescreend en naar huis gezonden. In augustus 1945 is die taak volbracht en keert het bataljon huiswaarts. Eind november wordt het 7e bataljon KOSB ontbonden. Het boek besluit met een tiental informatieve bijlagen.

De auteur heeft goed onderzoek gedaan. Dat maakt het boek voor de kenners plezierig leesbaar. De persoonlijke belevenissen geven een levendig beeld van de gebeurtenissen die de lezer als het ware alles laat mee beleven. Het boek is, zoals we gewend zijn, mooi door R.N. Sigmond Publishing uitgevoerd met vele illustraties en goed kaartwerk en leest, zoals gezegd, prettig. Het boek telt 180 pagina’s en kost € 32,50 (ISBN 90-804718-7-9).
(Okko Luursema; Nieuwsbrief VVAM, december 2004)

The enigma of General Blaskowitz
‘The enigma of General Blaskowitz’ beschrijft het leven van de Duitse General Johannes Albrecht Blaskowitz (1883-1948), dat grotendeels in het teken stond van zijn militaire carrière. In ons land is hij vooral bekend als commandant van het Duitse leger in Nederland in de laatste maanden van de Tweede Wereldoorlog, de capitulatiebesprekingen in mei 1945 in Achterveld, en de ondertekening van het uiteindelijke document in Hotel De Wereld in Wageningen.

Op 5 februari 1948 stierf Blaskowitz, in afwachting van zijn proces voor oorlogsmisdaden, onder mysterieuze omstandigheden in Neurenberg. Was het zelfmoord, of moord begaan door andere gevangenen? Wat was er voorgevallen in zijn militaire loopbaan waardoor fanatieke nazi’s hem zouden willen vermoorden? De schrijver van zijn biografie, Dr. Richard Giziowski, gebruikte het raadsel van de laatste dagen van General Blaskowitz als startpunt om een van de meest opmerkelijke militaire carrières van het Derde Rijk te onderzoeken.

Ondanks dat Blaskowitz niet afkomstig was uit een familie met een militaire achtergrond, doorliep hij vanaf 1897 de traditionele opleiding van een Pruisische officier. Toen de Eerste Wereldoorlog uitbrak, was hij commandant van een infanteriecompagnie die betrokken was bij vreselijke gevechten in Frankrijk, maar verder speelde hij geen belangrijke rol in deze oorlog.

Zijn talent, in het bijzonder zijn organisatorische talent, werd onderkend door het Duitse opperbevel, waardoor hij werd ingezet voor het gedecimeerde leger van de Weimar Republiek (1919-1933). Blaskowitz was een typerend voorbeeld van een van de vele Duitse officieren die zich schikten naar Hitler, zonder groot enthousiasme voor zijn persoon.

De Duitse militaire operatie in september 1939 in Polen bleek het keerpunt in Blaskowitz’ leven. Overeenkomstig het beeld dat de generale staf van hem had, kreeg hij een veeleisende, maar weinig uitdagende taak, het commando over een infanteriekorps, waarin de verplaatsing van mens en materieel van groot belang was. Goed gemotiveerd en georganiseerd hielden de infanteristen het tempo van de gepantserde eenheden bij, en speelden een belangrijke rol in de Poolse nederlaag in Warschau.

Blaskowitz’ aanzien in het leger als ‘Veroveraar van Warschau’ redde waarschijnlijk zijn leven, omdat hij in toenemende mate vraagtekens plaatste bij het Nationaal-Socialistische regime. Als militair commandant in Polen was hij getuige van de eerste van vele wreedheden die door de SS werden begaan. In zijn naïviteit veronderstellend dat de SS zonder bevel van hogerhand handelde, stuurde Blaskowitz een gedetailleerd bericht over de wreedheden naar Hitler. Hij was daardoor de rest van de oorlog uit de gratie, en had het geluk niet aan harde maatregelen blootgesteld te worden. Het is zijn verdienste dat hij tegen de wreedheden bleef protesteren, ook nadat hij zich realiseerde dat de protesten ongewenst en gevaarlijk waren.

De talenten van Blaskowitz waren te hard nodig om hem geheel uit zijn commando te zetten. Tijdens de geallieerde invasie in Frankrijk in 1944 wist hij de Duitse eenheden in een meesterlijke militaire operatie te onttrekken aan omsingeling door de geallieerden. Een van de belangrijkste prestaties in zijn militaire loopbaan.

Tegen het einde van de Tweede Wereldoorlog voerde Blaskowitz het bevel over het Duitse leger in bezet Nederland.

‘The enigma of General Blaskowitz’ is geschreven in het Engels door Richard Giziowski, uitgegeven in 1996 door Hippocrene Books, New York (ISBN 0-7818-0503-1) en in 1997 door Leo Cooper, Londen (ISBN 0-85052-554-3), en beslaat 532 pagina’s. Het bevat verschillende bijlagen, een verantwoord overzicht van de gebruikte bronnen, een goede index, en per hoofdstuk een overzichtelijk notenapparaat. Daarnaast is het boek voorzien van verschillende foto’s uit de militaire loopbaan van Blaskowitz. De publicatie is ter inzage bij de Gelderland Bibliotheek, en kost in de boekhandel € 25.
(Hans Timmerman, de Gelderland Bibliotheek) 

Leestafel